GrenzRouten

Landgrabent
Landgraben: Verdedigingswal rond het Rijk van Aken

Aarden wallen met beukenhagen dienden vanaf de late middeleeuwen als grensversterkingen om het rijk te bewaken en toezicht uit te oefenen op wat zich in de regio afspeelde.
De "Landgraben" (in het Nederlands ook wel aangeduid als landweer of landgraaf) vormde de buitengrens van het Rijk van Aken, dat tussen de twaalfde en de veertiende eeuw in aansluiting op het oude koninklijke hof van Aken ontstond. Hij bestond uit een aarden wal met greppels aan beide zijden en een dichte beukenhaag erbovenop en met doorgangen die 's nachts werden afgesloten met balken of slagbomen.

Rond het bos in het zuiden van het Rijk van Aken bevond zich de Innerer Landgraben die deels met een heg van haagbeuken was beplant. Deze Innerer Landgraben - en in het noordoosten van het Rijk van Aken ook de Äußerer Landgraben – speelde ook een belangrijke rol bij het bosbeheer. Voertuigen konden alleen bij de slagbomen passeren, hetgeen een en ander heel wat moeilijker maakte voor houtdieven. De hagen van de Landgraben werden regelmatig op manshoogte gesnoeid en groeiden in de breedte uit waardoor ze vrijwel ondoordringbaar waren.

In het Aachener Wald is de wal van de Äußerer Landgraben nog op veel plekken bewaard gebleven. De greppels daarentegen zijn vaak dichtgegooid, bijvoorbeeld voor wegen. Van de Innerer Landgraben zijn nog gedeelten bewaard gebleven, maar de bomen zijn nog slechts hier en daar te herkennen.

Adelaarsstenen: Begin zeventiende eeuw werd de loop van de grens herzien en gemarkeerd met 138 adelaarsstenen, waarvan er nog een paar in het landschap te zien zijn (zie het symbool in de wandelkaart). Deze stenen danken hun naam aan het dier dat het stadswapen van Aken tooit. Deze adelaars werden door verschillende kunstenaars ter plekke in de stenen gebeiteld.

Harpbeuken & heksenbomen: De voormalige beukenhaag is door regelmatig snoeien uitgegroeid tot een rij van met elkaar vergroeide knotbeuken. Na het einde van het Rijk van Aken werd de haag nog tot ca. 100 jaar geleden onderhouden door houtvesters die het snoeihout als brandhout gebruikten. Sindsdien zijn de knotbeuken doorgegroeid en hebben ze soms bizarre vormen aangenomen, waaronder die van een harp. Dit verklaart de naam harpbeuken.

Goed behouden ensembles (zie boomsymbool op de wandelkaart):
Route 1 & rondwandeling Köpfchen: Cyclopenstenen
Route 1 & 5: Aftakking Grünthal
Route 1, 2 & 4: Moresneter Weg
Route 4: Friedrichsweg / Hasselholz


 Link  Welkom
 Link  Evenementen 2020
 Link  Wegwijzers
 Link  Routen
 menupfeilrot  Onderwerpen
     Link Het rijk van Aken
     Link Drielandenpunt
     Link Westwall
     Link Neutraal-Moresnet
     Link Pelgrimage
     Link Königswald
     Link Galmeiwinning
     Link Smokkel
     menupfeilrot Landgraben
     Link Grens Köpfchen
     Link Historisch Vaals
     Link Cultuurlandschap
 Link  Musea
 Link  Wandeltips
 Link  Wandelcafés
 Link  Tourist-informatie
 Link  Contact
 Link  Colofon
 Link  Français
 Link  Deutsch